Japanse walvisjagers verliezen!

DwergvinvisHet Internationaal Gerechtshof (ICJ) rekende maandag af met de Japanse rechtvaardiging voor de walvisjagers in de Zuidelijke IJszee.

Tokio zegt dat de walvisjacht onderzoeksdoeleinden dient, maar volgens het ICJ is er geen wetenschappelijke rechtvaardiging voor het grote aantal dwergvinvissen dat Japan vangt. Het ICJ heeft een tijdelijk verbod opgelegd voor de jacht in het Zuidpoolgebied.

De zaak bij het ICJ was aangespannen door Australiƫ, dat denkt dat het wetenschappelijk onderzoek een excuus is om de commerciƫle jacht vol te houden.

Wat de gevolgen voor de Japanse walvisjacht in de Zuidelijke IJszee worden moet nog blijken. Het vonnis van het hof betekent in ieder geval niet het einde van de Japanse walvisvaart. De Japanners jagen namelijk ook op walvissen in het noorden van de Stille Oceaan.

Waardevol

Japan zegt dat het de voortplanting en de voeding van de walvissen en de invloed van de milieuvervuiling op de dieren bestudeert. Daarvoor geeft het jaarlijks vergunningen af om honderden van de zeezoogdieren te doden. Volgens het ICJ staat dat niet in verhouding tot de wetenschappelijke resultaten.

ICJ-president Peter Tomka herinnerde aan het doel van het internationaal verdrag dat de walvissen beschermt: een waardevol stuk natuur behouden voor toekomstige generaties.

Het Internationaal Gerechtshof, dat sinds 1946 in het Vredespaleis zetelt, beslecht juridische geschillen tussen staten. De uitspraken zijn bindend. Als een staat zich niet aan een uitspraak houdt, kunnen andere staten de VN-Veiligheidsraad vragen maatregelen te nemen.

Reacties zijn gesloten.